Om digitaal pesten het hoofd te bieden is het zaak om eerst stil te staan bij het feit dat internet-pesten en offline pesten even erg zijn. Dat lijkt een open deur maar is het niet. Het komt namelijk regelmatig voor dat een scheldpartijtje via Internet harder wordt aangepakt dan een akkefietje op het schoolplein.
Offline pesten en internet-pesten wellen op uit dezelfde bron en moeten dus ook met dezelfde maatregelen worden aangepakt. De volgende maatregelen, geïnspireerd op het gedachtegoed van pestdeskundige Bob van der Meer, zouden een algemeen antwoord kunnen zijn:
Pesten is een probleem dat nooit zal verdwijnen. Het hoort bij de maatschappij en bij groepsprocessen. Dat neemt natuurlijk niet weg dat het wel belangrijk is om het voor zover mogelijk te voorkomen en effectief aan te pakken wanneer het daadwerkelijk optreedt. Voorwaarde is dat álle partijen, variërend van leerlingen tot leerkrachten, en van ouders tot directie, bij de aanpak van het probleem worden betrokken. En er is een structurele aanpak nodig. Het pest-protocol moet niet in een lade verdwijnen om daar te verstoffen.
Aan deze algemene lijn kan een digitale component worden toegevoegd. Om te beginnen moet er een vertrouwenspersoon zijn met Internet-kennis. Verder moet er een sfeer zijn waarin over de goede kanten van Internet gepraat kan worden. Zet de vervelende aspecten niet voorop. Kinderen kunnen intens genieten van Internet. Ze kloppen pas bij een vertrouwenspersoon of leerkracht aan, als die begrijpt wat ze online doen en waarom ze daar zo’n plezier aan beleven.