Home » Artikelen » Speech Remco Pijpers 10-jarig bestaan

Speech Remco Pijpers 10-jarig bestaan

Mijn Kind Online bestond 11 februari 2014 precies tien jaar. Dat werd gevierd met een symposium. Remco Pijpers keek terug op 10 jaar Mijn Kind Online.

Toen Justine Pardoen en ik tien jaar geleden begonnen, hielden we al vlot een ouderavond. Het was in de bibliotheek van IJmuiden, als ik het me goed herinner. We deden onze ouderavonden nog met z’n tweeën. Dat vonden we gezellig, we wilden elkaar al sprekend voor een groep nog beter leren kennen, en bovenal vonden we het doodeng om alleen voor een groep te staan. Nou ja, ik was benauwd, en Justine hield mijn handje vast. Mensen dachten dat we een echtpaar waren, ook al ziet zij er tien jaar jonger uit en draaide de ware echtgenoot Henk Boeke, onze steun en toeverlaat, volop mee.

Die avond was Henk onze technische man. Hij koppelde de beamer, toverde onze Powerpoint tevoorschijn, en toen was het wachten. Wachten op die 230 bezoekers. Die niet kwamen. Kijk nou, er kwam toch iemand opdagen. Een persoon. Een vader! Ons eerste publiek.  We omhelsden hem. Kusten hem in de hals. Hij wist het allemaal wel, was alleen was gekomen om te zien hoe wij ons kunstje deden. Om het daarna zelf te kunnen doen. Er valt grof geld te verdienen aan ouderavonden over jeugd en media. Ik geloof niet dat hij erg onder de indruk was. 

Dat was onze daverende entree in 2004. IJmuiden. Het was het jaar waarin Theo van Gogh werd vermoord. Andre Hazes overleed aan een hartstilstand. ‘Zij gelooft in mij’ stond bovenaan de hitlijst, samen met 'Heb je even voor mij’ van Frans Bauer. World of Warcraft kwam uit in de VS, Australië en Nieuw-Zeeland. In de eerste 24 uur gingen maar liefst 240.000 exemplaren over de toonbank. Nooit eerder vertoond. 

CU2.nl begon uit te raken. Hip waren Sugababes.nl en Superdudes.nl. En waar was Hyves? Dat werd in 2004 opgericht. Een jaar later zat ik met oprichter Raymond Spanjar op een Amsterdams terras. Hij wilde best met me praten, maar het moest bij 1 kopje koffie blijven, want, zo zei hij stellig, Hyves zou nooit een site voor kinderen worden. 

Opvoed-tijdschriften noch -sites gingen in op de informatiebehoefte van ouders. We lazen over de risico’s van internet en hoe je kon voorkomen dat kinderen slachtoffer werden. Wat ouders ons vroegen, had een andere strekking. Wat als het misgaat? M'n dochter wisselt zoete woordjes met een chat-vriendje - wat nu? Ouders wilden weten wat hun kinderen deden online, maar durfden niet altijd wat het meest voor de hand lag: vragen stellen. 

Alleen zij met verbeelding kunnen zich in anderen inleven, stelde de Britse schrijver John Berger. Wil je anderen begrijpen, dan moet je je voorstellingsvermogen kunnen aanspreken.  We interviewden wetenschappers, die het ook niet allemaal wisten. We interviewden kinderen, en ‘verbeelden’ hun digitale wereld. Daar hadden we wat aan! Wat deden kinderen daar? Wat konden we er van leren? We wilden ze begrijpen. 

Ik laat de zaal een filmpje zien van Midas, 10 jaar oud, die vertelt over hoe hij in Runescape ‘newbies’ helpt, beginnelingen die wel wat hulp kunnen gebruiken. Een zeer vaardige en welbespraakte jongen. “Als je geluk hebt, zit er een bij die je als dank een zakcentje geeft. Dat hoeft voor mij helemaal niet, maar als het gebeurt ben ik blij!”

Tien jaar Mijn Kind Online - het is altijd een zoektocht geweest. Zoekend naar veranderingen in de digitale jeugdcultuur. Die proberen te vertalen in praktische adviezen voor opvoeders. Sugababes ging voorbij, Hyves ging voorbij. De smartphone kwam. We stonden steeds meer te boek als ‘experts’, in pak bij talkshows, orerend op de radio, quotes strooiend in dagblad-katernen. Terwijl we in wezen journalisten bleven, vragenstellers, soms actievoerend. We beschreven wat we zagen gebeuren, we hielpen en helpen kinderen en ouders zo goed als we kunnen, maar waar het allemaal naar toe gaat, weten we vaak niet. 

En als we het weten, dan ziet Justine het altijd als eerst. Zwaar irritant, kan ik u vertellen ;-)

In 2014 lijden we steeds meer aan aandoeningen, net als aan het eind van de 19e eeuw trouwens, ook een tijd van grote technologische veranderingen. Vooral vrouwen (en een enkele man) leden aan psychische aandoeningen als ‘hysterie’ en de ’neurasthenie’. Sla de romans van Louis Couperus en Marcellus Emants er maar op na. Nu zijn de kinderen het ‘slachtoffer' - van Socialbesitas, digitale dementie en Facebook-depressies. 

Maar er is - net als toen - ook vooruitgangsgeloof. ‘Onze duim ontketent een revolutie’, zegt de Franse filosoof Michel Serres, ‘en die revolutie is vergelijkbaar met de val van het Romeinse rijk.’ Vrij Nederland interviewde hem. In zijn boek 'De wereld onder de duim' heeft hij het over een westerse lente, een Nieuwe Democratie, over de bevrijding van de burgers als slaven, in de klem van anderen die bepalen wat goed voor hen is. De Nieuwe Mondige Burger staat nog wel alleen, zegt hij. De instituten - politici, media, bedrijven, scholen - hebben onvoldoende oog voor de veranderingen, Serres noemt ze ‘dinosaurussen die op uitsterven staan’. 

"Ze lijken nog het meest op sterren waarvan wij op aarde nog steeds het licht zien maar waarvan astronomen hebben uitgerekend dat ze al lang niet meer bestaan”. 

Hoe duwen we technologische veranderingen de goede kant op? Hoe willen we dat de nieuwe democratie eruitziet? We zijn druk de toekomst uit te tekenen. De trendwatchers buitelen over elkaar heen.

In het onderwijs hameren we op 21e eeuwse vaardigheden, we maken onze kinderen mediawijs. Misschien moeten we kinderen niet alleen leren hoe ze een drone bouwen, hoe ze hun Facebook-profiel afschermen, of hoe ze zich kunnen concentreren zonder afgeleid te zijn door sociale media. Misschien moeten we ze ook opleiden tot filosofen. 

In de negentiende eeuw ontwikkelden filosofen de politieke visies die er toe deden. Zoals het socialisme. Er kwam sociale zekerheid, steun voor armen, stemrecht voor vrouwen. 

De filosofen van toen zijn in de 21e eeuw vervangen door waarzeggers. 

Wat is ons antwoord op alle maatschappelijke veranderingen? Welke morele keuzes moeten de kinderen straks als volwassenen smaken? Kunnen we daar al met ze over in gesprek? We moeten daar al over in gesprek. 

Negen jaar geleden interviewde ik Midas. Inmiddels is Midas negentien jaar. Hij gaat sociologe studeren, maar is al heel actief. Hij zit bijvoorbeeld in het European Youth Parliament, zat in de Digiraad op z’n 16e, de minister van Economische Zaken adviserend over veilig internet. 

Als je wil filosoferen over internet, over wat er allemaal moet veranderen, en hoe, vraag dan niet mij, maar Midas. Met Midas heb je de ideale ouderavond. Ik zou hem snel boeken, samen met zijn moeder Justine Pardoen

Verder lezen: